Verhalen:

Uit het boek "Het belang van borstvoeding"

11.  Wij mogen er niet meer komen…

Als je lang meeloopt in het sportwereldje, krijg je een bepaalde naamsbekendheid, zodat je nog al eens uitgenodigd wordt bij sportevenementen.

Dat varieert van op een beurs staan tot een winkel openen. Sommige dingen doe je, omdat je het leuk vind en sommige voor het geld…De leukste uitnodigingen vind ik nog steeds, waar actie in zit, zoals schaatsclinics geven aan mensen uit het bedrijfsleven met een babbel erbij, waarbij je mensen uitlegt, dat topsport gelijkenissen met het bedrijfsleven heeft. Afzien, uit de kopgroep gelost worden en toch weer terug komen. Je niet zomaar bij een klant weg laten sturen; nieuwe plannen maken en weer teruggaan.Ik vertel dan meestal het verhaal van Jannes Bast. Jannes was vertegenwoordiger bij mijn broer, die directeur was van een grote fabriek, die de beste kalvermelk van de wereld maakt.Jannes was marathonschaatser en volgens speaker Sjaak Meijer was Jannes kampioen van Bunschoten, omdat Jannes de enige schaatsenrijder in Bunschoten was.Enfin, Jannes reed zich elke week scheel in de marathonwedstrijden om een prijsje te rijden. In zijn werk als vertegenwoordiger beet hij zich ook vast, zoals hij dat in de sport deed. Toen hij voor de derde keer bij een boer weggestuurd was, omdat die vond dat Jannes te duur was, waren de rapen gaar.Hij was al zeker tien kilometer van de boerderij weggereden, toen hij resoluut zijn auto keerde en terug reed naar de onwillige boer. De boer was in de stal de koeien aan het voeren en keek Jannes verrast aan…..Maar Jannes was nu niet meer te stuiten en vertelde in één adem zijn verhaal als marathonschaatser, waarin hij het ook niet altijd makkelijk had !!!!De boer luisterde geamuseerd naar zijn verhaal en vroeg: “Wat moet ik hiermee?” “KALVERMELK VAN MIJ KOPEN”, zei Jannes, anders blijf ik terug komen, net als bij het marathonschaatsen!De boer ging overstag en plaatste een proeforder……

Maar ik dwaal af, ik had het over uitgenodigd worden als oud-sporter. Op een dag viel er een uitnodiging in de bus voor een koppelwielerwedstrijd voor oud-wielrenners en oud-schaatsenrijders in Bergen op Zoom.Je moest zelf voor een koppelgenoot zorgen en ik vroeg of mijn zoon Jan interesse had. Jan was op dat moment in goeie vorm en reed als landelijk marathonschaatser in het Nederlandse circuit rond. Ik had geen idee, wie er aan de start zouden komen, maar dat zouden we vanzelf wel zien!Op de dag van de wedstrijd waren we bijtijds aanwezig en de eerste die we tegen het lijf liepen, was Ria Visser.

”Wie rijden er allemaal mee?”  vroeg ik haar. “De halve schaatswereld is uitgenodigd”, sprak ze!  Dat klopte ook toen we de sporthal inliepen.Talloze bekenden liepen we tegen het lijf, net een reünie, wel leuk dus !Ook uit de internationale wielerwereld liepen er heel veel oud-coureurs rond. Jan Janssen, Jo de Roo en zelfs Raymond Poulidor om er maar een paar te noemen.Rene Pijnen was de wedstrijdleider en “regelde” de koers. De afspraak was, dat hij met de motor voorop zou rijden en zou aangeven, wie er - om de beurt -  op kop moest rijden. Het moest voor het publiek een leuke “wedstrijd” worden, maar er moest wel een grote winnen.Aan de start werden alle koppels voorgesteld aan het publiek, dat in grote getale opgekomen was. De grootste coryfeeën stonden natuurlijk op de voorste rij!

”Wij zijn programmavulling” zei ik tegen Jan, “maar let op …wij laten ons niet van voren wegrijden!” Het startschot klonk en het spel was gelijk op de wagen. Steeds reden er groepjes weg op bevel van Rene Pijnen. Jan en ik kwamen niet aan de beurt en daar baalde ik zwaar van……Nog drie ronden gaf de speaker aan. Pijnen gaf de koers vrij en nu zouden de “groten” de finale af moeten maken….“We laten ons niet wegrijden Jan!” riep ik Jan toe “met alles mee…”Ik was echt pissig dat wij tijdens de wedstrijd geen enkele  keer mochten wegrijden. Jan had goeie benen, dat was goed te merken, met elke ontsnapping reden we mee!  De bel voor de laatste ronde ging en er werd nu echt volle bak gereden.Ik merkte dat het achter ons brak en we hadden met drie koppels een gaatje.

Het finishdoek zag ik al in de verte. Jan reed voor me, alles gevend!

”Gaan, gaan”, brulde ik Jan toe. Jan perste alles uit zijn lijf en we passeerden het laatste koppel en gingen tegen alle afspraken in winnend over de streep.Normaal heb ik me in mijn sportcarrière altijd aan afspraken gehouden maar hier stonden we lachend op het podium.De organisatie lachte niet……WE MOGEN ER NIET MEER KOMEN!!!!

© Rien de Roon